|
Verschijning van de Heer
Verschijning van de Heer
De tijd van het Kerkelijk Jaar waarin we ons nu bevinden heet ‘Epifanie’. Het Christelijk geloof is verankerd in de geschiedenis. Daarom wordt in het Evangelie nadrukkelijk vermeld in welke tijd Jezus werd geboren: ‘In die tijd kondigde keizer Augustus een decreet af dat alle inwoners van het rijk zich moesten laten inschrijven. Deze eerste volkstelling vond plaats tijdens het bewind van Quirinius over Syrië’ (Lukas 2:1-2). Net zo wanneer Johannes de Doper geroepen werd om een ‘doop van bekering tot vergeving van zonden’ te prediken: in welk jaar van keizer Tiberius, en ten tijde van stadhouder Pontius Pilatus en enkele met name genoemde vorsten en hogepriesters (Lukas 3:1-3). Om dezelfde reden wordt ook in de toch zeer beknopte ‘apostolische geloofsbelijdenis’ uitgesproken dat Jezus heeft geleden en is gekruisigd ten tijde van Pontius Pilatus. Dat betekent: tóen en dáár heeft er iets heel wezenlijks plaatsgevonden; toen heeft God van zich laten horen en is Hij in Jezus Christus verschenen. Het christelijk geloof is niet een interessant samenstel van tijdloze ideeën, maar is verworteld in de concrete geschiedenis van het volk Israël en van de wereld. Dat dit besef in de Kerk van de eerste eeuwen leefde, blijkt ook uit de ontwikkeling van de liturgische feesten in het Kerkelijk Jaar. Uiteraard was Pasen hèt feest van de Kerk, gewijd aan Jezus’ kruisiging en opstanding. Enige tijd nadat de Kerk in de vierde eeuw dankzij keizer Constantijn officieel de vrijheid had gekregen om zich in het Romeinse rijk te ontplooien, werd in Rome het Kerstfeest ingesteld als feest van Jezus’ geboorte. Het is mogelijk dat dit feest daar al eerder gevierd werd, maar zeker is dit niet. Waarschijnlijk houdt de datum verband met het Romeinse feest van de zonnewende na de kortste dag, dat was gewijd aan de nieuwe komst van het licht van de zon. Het lag voor de kerk van Rome kennelijk voor de hand op die dag voortaan de geboorte van Christus, de ‘zonne der gerechtigheid’ (Maleachi 4:2) te vieren. Het heeft tientallen jaren geduurd voordat ook de Kerk in het oostelijke deel van het Romeinse rijk dit feest heeft overgenomen. In het Oosten was er namelijk al een andere datum waarop Jezus’ geboorte werd gevierd, namelijk 6 januari. Die dag was echter niet alleen gewijd aan Jezus’ geboorte, maar ook aan de komst van de ‘wijzen uit het oosten’ én aan Jezus’ doop. Voor de oosters-orthodoxe kerken is het feest van Jezus’ doop tot vandaag toe belangrijker dan het Kerstfeest. Epifanie, het feest op 6 januari, heeft dus oudere papieren dan Kerst. ‘Epifanie’ is een Grieks woord, het betekent ‘verschijning’. Deze aanduiding is ontleend aan Titus 3:4-5, waar we lezen: ‘Maar toen de goedertierenheid en mensenliefde van onze Heiland en God verscheen (epefanê) heeft Hij, niet om werken der gerechtigheid, die wij zouden gedaan hebben, doch naar zijn ontferming ons gered door het bad der wedergeboorte en der vernieuwing door de Heilige Geest…’ Centrale thema's in de tijd van Epifanie zijn: de ‘wijzen uit het oosten’, de Doop van Jezus in de Jordaan en ‘het begin van zijn tekenen’ op de bruiloft te Kana. Zij hebben een vaste plek in de meeste leesroosters. De Heer is verschenen. Vervolgens moet duidelijk worden wie Jezus is. Eerst weet nog bijna niemand dat. Geleidelijk treedt Hij in de openbaarheid. En er zal verschillend gereageerd worden: aanbidding; verwondering; verbijstering… ds. Bas Urgert (In dit stuk zijn gegevens verwerkt van een artikel ‘Epifanie: tegenhanger van het Kerstfeest’ van de hand van Prof. Dr. Riemer Roukema, januari 2007) Bekijk hier de vorige columns: - Naam boven alle naam - Het wezenlijke van pastoraat: Omzien naar elkaar - Israëlzondag - De zondag, een dag apart - Met de Kerk van alle eeuwen |
||


Interieur_0121_[1024x768].jpg)
